MAN
E-type Mk 2 Mark IV Jaguar replica Ural Moto Guzzi MAN DS VW SPARTA Diversen

 

Begin tachtiger jaren hebben we enkele malen als wederzijdse vriendendienst een MAN vrachtwagen met een laadbak vol toeristen gereden voor  Afriesj International, een overland reisbureau, dat toen nog alleen Afrika "deed".

De wagens werden door het Duitse leger afgestoten na een vertroeteld leven van twintig jaar doorsmeren, schilderen en wat op de hei rondjes rijden, en nadat de tweede motor afgeschreven was. De duurzaamheid van deze machines was ongelooflijk. De meeste reden zonder haperen van Amsterdam naar Nairobi. Vier wiel aandrijving, zes cilinders, multi-brandstof (liep op alles wat fikt: diesel, petroleum en benzine), hoge en lage giering, manshoge banden, maximum snelheid 67 km per uur, diesel verbruik een liter voor iedere 4 kilometer. Er werd dan ook voor vertrek een brandstoftank van tweeduizend liter geinstalleerd, zodat op de reis van Amsterdam naar Kenya toch maar een paar keer getankt hoefde te worden, uiteraard in landen waar diesel een of twee dubbeltjes kostte.


De weg in noord Kenia die van Nairobi naar Juba in zuid-Sudan leidt.


De banden gaan zelden lek, maar dan wel op ongelegen momenten, zoals hier midden in het Serengeti wild park, dat beroemd is om de er los rondlopende vele leeuwen, cheetahs, neushoorns en ander groot wild, waarom we tenslotte toch naar Afrika gingen.


Of met zo'n enorme klap dat spatbord en balletje pertang een geheel nieuwe vorm aannemen!


M.A.N, the ultimate SUV.

Trein verkeer, in beide richtingen, en het autoverkeer, ook in beide richtingen, gaat over de zelfde enkelbaans Bailey brug. Deze brug is van uitstekende kwaliteit overigens. Andere bruggen hebben een tekort aan planken om in een keer over de brug te kunnen rijden. Dan moeten eerst de planken achter de auto opgepakt worden, voor de auto gelegd worden waar planken ontbreken, weer een stukje verder rijden, planken vanachter de auto weer er voor leggen, enzovoort.

Een pontje in wat nu weer Congo heet, maar toen Zaire. Het touw dat over de rivier gespannen is, dient om jezelf naar de overkant te trekken. Het hele dorp is natuurlijk wel bereid om daarmee te helpen, tegen een gepaste financiele vergoeding. Met de kapitein was een bedrag van dertig Zaire bedongen, waarvan de helft voor de dorpelingen. Eenmaal aan de overkant kwam het dorpshoofd naar ons toehollen of het waar was wat de kapitein zei toen hij zijn helft kwam claimen, dat we maar 20 betaald hadden. In mijn onmetelijke wijsheid heb ik gezegd, vanuit mijn hoge positie in de cabine, klaar om verder te rijden: dat is niet waar, we hebben veertig betaald! De burgeroorlog is nog steeds niet uitgewoed, zoals we dagelijks in de kranten kunnen lezen.


De nietigheid van onze reusachtige MAN vrachtwagen in het Congolese regenwoud. Bamboe.


De evenaar in het Congolese regenwoud is duidelijk aangegeven...

Kamperen op de rand van een vulkaankrater. Het rode jurkje bekleedt Minke

Ook in Kenya een bord ter identificatie van de equator, de voorwielen staan nu net op het noordelijk halfrond. De grijze MAN met de dromedaris is de gehele tocht een zorgenkindje geweest. Achterveren gebroken, stuurbekrachtiging kaduuk, koeling gebrekkig, uitlaatspruitstuk gebroken, tuimelaar gebroken, klapband, voorruit versplinterd, koppeling onklaar geraaakt, continu gebrek aan pk's en roetwolken, diverse lasnaden van de dieseltank opengescheurd (met verlies van honderden liters diesel). In Kisangani gelukkig van de Primus brouwerij (= Heineken) twee drums met petroleum kunnen kopen (deze MANs rijden op alles wat fikt) en al met al toch niet veel vertraging gehad.

In het Serengeti park temidden van duizenden wildebeesten.


Hier helpen we een Afrikaanse chauffeur een handje door zijn FIAT met aanhanger uit de modder te trekken, waar hij al een paar dagen in vast stond. Deze wagen was op weg van Dar es Salaam naar Juba. Ze hebben enorme dieseltanks onder de hele lengte van de wagen en aanhanger, zodat ze zonder tanken heen en weer kunnen.


Ben even kwijt hoe ik in deze benarde positie heb kunnen belanden. Mogelijk een gat in de weg tesamen met een kapotte stuurbekrachtiging. Onmogelijk dan de enorme wielen met de hand in toom te houden. De banden zijn machtig, de motor is sterk, alle vier de wielen worden aangedreven, maar in glibberige blubber is dat niet voldoende. Wel vertoont het chassis opvallende flexibiliteit!

Zo hebben we nog meer plaatjes. Maar je komt er altijd weer uit.


Bizar genoeg helpt lang niet iedereen mee om weer op terra firma te komen. Altijd dezelfden overigens. En dan al die insekten en bloedzuigers die de aandacht afleiden.


Om wat dichterbij de flamingo's te komen een stuk over het drooggevallen meer gereden. Heen ging goed, maar terug zakten we door de dunne droge korst tot de assen in zuigende modder. De strategie om met dozijnen buffelschedels de troggen op te vullen zodat de banden meer grip zouden krijgen was leuk bedacht, maar werkte niet.


Of deze. Ook weer goed gekomen. Met de auto dan, niet met de brug.


Maar andere bruggen waren al kapot voor we eroverheen gingen. En er wordt hard aan gewerkt ook!

Tussen Lodwar en Lokkitsjokkio zakten we echt door de achterveren. Meer en meer veerbladen waren al gebroken, maar zo vlak voor de finish in Juba, ging het echt niet meer. Gelukkig kwam een Somalische vrachtwagen langs die een passende steeksleutel voor de vuistgrote moeren van het veerpakket aan ons leende, en verder reed nadat we beloofd hadden de sleutel in Juba aan hem terug te geven. (Where we find you in Juba? Where the trucks are! OK, See you there!) En zo geschiedde. We reden hier samen op met Jos, gezeten achter het rechter achterwiel, en die helpt om het gehele verenpakket te demonteren. Ik zit achter het linkerwiel, en de knullen in het witte T-shirt en met het petje op, zijn Spanjaarden die op cross-motoren het Afrikaanse continent door trokken, maar voor het enorme end tussen Nairobi en Juba ons gezelschap hadden gezocht voor veiligheid en transport van hun water en benzine. Jos is daarna doorgereden naar Juba, Minke en ik zijn heen en weer gelift naar Lodwar met honderd kilo aan vrachtwagenbladveer in stukken om ze te laten lassen. Teruggelift met een Engelsman die met twee MANs naar het noorden reed. Een van de twee was een leswagen met dubbele koppelingspedalen. Ons kapotte verbindingsstangetje vervangen door de dubbele van de lesMAN en na vele honderden kilometers zonder, het laatste stukje naar Juba weer kunnen ontkoppelen. We hadden uiteraard een wachter aangesteld om op de MAN te passen, dezelfde die op een grote FIAT met aanhanger had gepast die zonder diesel was komen te staan, en die de "eigenaar" die later opdook alle dure onderdelen (dieselinjectiepomp, waterpomp, radiator etc) had laten demonteren en meenemen. Jammer alleen dat de echte eigenaar de volgende dag pas kwam en zijn vrachtwagen gestript terugvond. We hebben onze wachter striktere instrukties gegeven en onze MAN even compleet teruggevonden als achtergelaten.


De drie Spanjaarden hebben in Nederland direct hun avonturen gepubliceerd weten te krijgen in de Motor van 31 juli 1981. Ik en de MAN figureren daarin ook op twee foto's!

Deze reis was ik slechts passagier, maar de foto is mooi! Kopje onder met Magirus en al, midden op de Oubangui rivier tussen Cetraal Afrika en Zaire met de pont gezonken. Er nog wel uitgetakeld, maar is op het dek gevallen (van een nieuwe veel grotere pont) en deed het niet meer. Mijn spiegelreflexcamera daarentegen, die met de Magirus een week op de bodem van de rivier (20 meter diep) had gelegen, zat verstrikt in het buizenwerk van de Magirus en is met de wagen weer bovengekomen. Body en lens opengemaakt, met kraanwater de modder eruit gespoeld, in het tropische zonnetje gedroogd, en de camera heeft het daarna nog jaren gedaan!

Home